Gelukkig hebben we de foto's nog

Gisteren was er een opening. Allemaal heel echt met mensen en bloemen en toespraken en wijn enzo. Op de meeste openingen waar ik ben geweest had ik een heel andere rol dan op deze. Vroeger, op de openingen van mijn vaders tentoonstellingen, knipte ik linten door. Of speelde ik, samen met de kinderen van mijn vaders collega's, wie het hardst over het parket kon glijden. Of de meeste jus d'orange op kon. Later, op de openingen van partner, bezweerde ik openingsstress, nam de bloemen in ontvangst en hield de inmiddels zelf geproduceerde kinderen in bedwang. Gisteren werd dat allemaal voor mij gedaan, want de opening ging dit keer over mijn ding. Mijn foto's. Het voelde als een verjaardagsfeestje waarvan ik hoopte dat iedereen zich zou vermaken, ik geen stomme dingen zou zeggen en er genoeg taart zou zijn.

Ik was een beetje zenuwachtig. Raar genoeg niet vanwege mijn eigen foto's. Die hingen gewoon aan de muren en als iedereen het volkomen ruk had gevonden, was er toch niets meer aan te doen geweest. Maar ik hou er niet zo van als iedereen naar me kijkt. Daarom ben ik misschien wel ooit begonnen met het maken van foto's; dan hoef je er zelf niet op en heb je wat te doen met je handen. De small-talk van recepties heb ik namelijk ook nooit goed onder de knie gekregen. Afijn. Er werden gisteren heel veel foto's gemaakt. Daar stond ik vaak op maar ik zal u mijn metamorfose-neigingen verder besparen. Ik pak niet op papier. Dat komt, volgens de fotografe, omdat ik steeds beweeg. Ik kan wel op filmpjes, maar niet op foto's.

Zenuwachtig was ik ook omdat er iemand was die ik hoog heb zitten. En die ging dan iets over mij zeggen. Jezus. Toen hij na een halve minuut begon te vertellen dat hij het niet over mijn foto's ging hebben maar over mijn leven, zocht ik dringend naar die grote plant om achter te verdwijnen. Maar na de schrik heb ik alleen maar heel hard gezucht en heel hard gelachen. Gezucht vanwege het grote snap-gevoel en gelachen om zijn presentatie. Gelukkig is daar ook weer een foto van.





Dat tekeningetje ligt hier op tafel, samen met de woorden die hij blijkbaar maar even had voorgetypt. Dat is fijn, want zo kan ik nog nalezen dat er echt oorspronkelijkheid en liefde werd gezegd. En dat in een tijd dat ik het al bijna had opgegeven. Van de gebeurtenissen van de afgelopen weken, de opening, de bemoedigende zinnetjes en de lol met mensen die er toe doen, heb ik een bult energie gekregen waarmee je een halve kerncentrale kunt aanzwengelen. Dus hoppa, vandaag weer een foto en morgen weer. Je bent een verzamelaar of je bent het niet.

Foto Hans Aarsman met tekening: Saskia van der Sluis.








Boem

Iedereen heeft weer een mening en op televisie rolt de ene deskundige over de andere. Godallemachtig. Alsof het al niet erg genoeg was zonder die enorme stroom van woorden. Iets wegpraten tot een ware kunst verheven.






Nou. Dusch. En.

Wees vooral welkom: KLIK






Wederzien

Drie jaar geleden ging ik eens per maand bij iemand op bezoek. In de revisie, zogezegd. Mooi woord: revisie. Herziening. Opnieuw corrigeren. Vandaag was ik er weer. Er moest nodig wat gecorrigeerd, en wat zaken in een ander licht bekijken was ook geen overbodige luxe.
Net als drie jaar geleden stond ik na mijn bezoek te wachten op de bus. De bushalte staat naast het huis waar ik drie jaar geleden al wilde wonen. Ik heb ooit serieus overwogen om een briefje in de brievenbus te doen, met het verzoek mij te bellen als ze gingen verhuizen. Het hele huis was in de afgelopen jaren vergeten. Blijkbaar raak je toch wat kwijt zo onderweg. Vandaar ook die revisie natuurlijk.
Hier kijken de huidige bewoners vanuit hun linkerraam op uit. Tegenover hun voordeur staat dus een bushokje en aan de overkant ligt sinds kort een nepstrand met een mini-reuzenrad. Mijn mening over dit huis ga ik voorlopig helemaal niet herzien. En u, bekend in Amsterdam, mag raden waar het staat.









The Unbearable Lightness of Seeing

Vandaag had ik een kort en snel gesprekje met een fotograaf. Ik zeg snel, omdat het ook tamelijk snel ging.
Waarom is dit zo en niet zo, ik zag een schema, ik hou van herhaling, oh, jij ook? de afdeling verzamelen zit voor in je hersenen en bij jou zit vast een hele bult, ik kan steeds beter weggooien, nee, ik heb ontdekt dat ik niet in nieuwbouwhuizen moet wonen, weet je nog wat te huur, hoe oud zijn jouw kinderen, de wereld is maar stom, je wilt een hol om in te hamsteren, gadverdamme het regent nog steeds, fascineren en ontroeren zijn geen woorden voor foto's, ik ben een beetje zenuwachtig, ah! dat is wel een fundamentele vraag die je nu stelt, weet je van die man die enveloppen verzamelde? nee, ik doe dit bijna nooit, dit is de url van de website waar ik het over had en je moet al die grijze foto's ook eens naast elkaar leggen.
Hijg.
Het is op zich best fijn als iemand net zo'n hekel aan gedoe en geblaat en vooral aan het zo vreselijk belangrijk gevonden willen worden heeft als jij. Ik scheurde verder door de dag. Druk druk, groot en belangrijk natuurlijk.

's Avonds kwam ik thuis, we gingen eindelijk eten en Kind-II had op zijn bord iets moois gemaakt van voedsel. Hij had er ook zelf al een naam voor bedacht: Landschap met één boom. Goeie help. Over groot en belangrijk gesproken. Maar als iemand een Landschap met één boom op z'n bord maakt, maak ik er dan maar weer een foto van. Dat moet namelijk vastgelegd. Vraag me alleen in godsnaam niet waaróm. En al helemaal niet waarom ik hem laat zien.


Landschap met één boom. (Klik)






Dag Alleen

De kinderen zouden een dag weg gaan. Naar hun vers aangekomen Nieuw-Zeelandse opa & oma en ik ging niet mee. Ik mocht een Dag Alleen. Daar was ik gisterenavond al zo blij mee dat ik vannacht slecht sliep en veel te laat wakker werd. So far voor deel-I van de Dag Alleen.
Als je een tijd hard hebt gewerkt en verder ook nog het nodige aan het hoofd hebt gehad, is zo'n kale, lege dag maar een vreemde gewaarwording. Hoe ging dat ook alweer? Zelf weten wat je doet of eet en wanneer? Ik besloot naar het strand te gaan. In m'n eentje.
Gewapend met water, de I-pod, een handdoek, fruit en het laatste boek uit mijn persoonlijke Thomas V-cyclus slofte ik naar mijn strandje verderop. Ik spreidde mijn handdoek en ontdekte dat ik wel mijn bikinibroekje had aangedaan maar het bovenstuk was vergeten. Shit zeg.





Naast me lag een meisje te lezen, topless. Er zat niets anders op, mijn blote borsten moesten ook maar in de zon. Voor het T-shirt was het echt te warm en ik wilde niet terug. Nou heb ik beslist niet het lijf voor het bevallig topless in de zon lig-gedoe, en de ontspanning werd er ook niet beter op toen bleek dat mijn buurjongens vrouwen aan het keuren waren. Kijk, goeie billen daar voor je! Jezus wat een tieten zeg! Fijn. Heel rustgevend ook. Ik dook in De Zomerval.

Het was plakkerig warm aan het strand, maar het water was met die blote borsten natuurlijk helemaal geen optie. Zelfs het slanke meisje naast me deed haar bovenstukje aan voordat ze ging zwemmen. Ik las stug door, en probeerde nergens meer op te letten. In het boek ging het steeds slechter met de hoofdfiguur en ik moest steeds harder lachen om al die neerslachtigheid. Ik weet niet wat het is met die boeken van Thomas V. Ze zijn echt niet vrolijk, mensen voelen zich over het algemeen of woedend of depressief of alles tegelijk, maar toch moet ik lachen. Ik zie de hoofdfiguur steeds voor me, zie ook wat zijn tegenspelers doen en denk dan vaak: dat ken ik. Dat zal het zijn. Inmiddels zag ik mezelf ook ineens zitten, half bloot in het zand, hardop lachend om een boek, en besloot dat het tijd werd voor een koffie in de strandtent. Een eindje verderop speelde een radio een nummer van Fergal Sharky. Was dat niet die man die ook echt op een haai leek?

In de strandtent was het rustig, mensen waren druk in de weer met voedsel en rosé en er strompelde een klein kindje dat net had leren lopen. Toen de kletsnatte hond voor de tweede keer onder mijn rokje dook vond ik het wel genoeg. Op weg naar huis vroeg een jongen of hier ook een tram reed. Oh, jij woont hier! zei hij jaloers. Ja, ik woon hier en nu wil ik naar huis en het zou fijn zijn als er dan iemand was die mijn stijve nek even loswrikte. Ik moet meer oefening in die Dagen Alleen.






[Archieven]

Zoek: